De scharensliep. Of ‘er was eens… ‘

Als ik iemand op leeftijd vertel dat ik messen slijp, krijg ik direct verhalen over de scharensliep van vroeger, die dan langs de deur kwam met zo’n grote draaiende toestand met een pedaal waarop hij stond te trappen om de zaak aan de gang te houden.

scharensliepDeze scharensliep is er niet meer. De arme man is zijn broodwinning kwijt, omdat niemand zijn scharen meer laat slijpen, want een nieuwe is goedkoper. Daarmee verdwijnt ook de kennis van de scharensliep en dat is jammer. Maar desondanks blijven er toch mensen die voor hun beroep of hobby een goede schaar nodig hebben. Voor die mensen ben ik er en dat doe ik met plezier.
Wat doet een schaar, hoe doet ‘ie dat, waaraan moet hij voldoen en hoe hou je hem in conditie zodat hij dat blijft doen? Het geheim van de scharensliep,  beschreven en verklaard.

Scharen zijn net messen?

Een schaar is raar. Een mes en een schaar lijken op elkaar. Beide zorgen ze ervoor dat materiaal wordt gespleten. Je kan een vel papier knippen met een schaar, maar je kan het net zo goed doorsnijden met een mes. De inspanning en het resultaat zijn ongeveer hetzelfde.

Het grote verschil tussen een mes en een schaar is dat een mes  moet bewegen door het materiaal en een schaar moet drukken. Het onderste schaarblad fungeert daarbij als aambeeld. Met een schaar kan je nauwelijk snijden en met de meeste messen is druk geven niet voldoende.
Met een mes fixeer je bijvoorbeeld een stuk papier met de ene hand en haalt het mes er met de andere hand doorheen. Als je hetzelfde zou doen met een schaar, dan gebeurt er veel minder. En andersom, als je een mes op een stuk papier drukt, dan gebeurt er niet veel.
De schaar krijgt zijn kracht door het tweede schaarblad, het ‘aambeeld’. Als je beide schaarbladen met kracht op het materiaal drukt, dus als je het ‘snijblad’ langs het aambeeld perst, gebeurt er pas iets.

Dat komt allemaal omdat een schaar het materiaal eigenlijk niet snijdt, maar breekt. Dat verklaart ook waarom je met een mes zowat alles kunt splijten, maar met een schaar niet. Je kan met een mes en wat geduld een stuk hout doorsnijden, maar met een schaar lukt je dat niet. Hoewel iedere schaar het materiaal breekt, werkt dat niet voor iedere schaar op dezelfde wijze.

Knippen = vasthouden en snijden

Met een mes moet je het materiaal met één hand fixeren. Een schaar daarentegen moet zelf het materiaal vasthouden; hij moet zijn tanden erin zetten om ervoor te zorgen dat het niet tussen de schaarbladen uit glijdt, richting de punt.
Je zou met een schaar een aardappel doormidden kunnen knippen, als de schaar de aardappel goed zou kunnen vastgrijpen. De meeste scharen kunnen dat niet goed genoeg en het resultaat is dat de aardappel de keuken in wordt gelanceerd.  Veel scharen zijn om deze reden uitgerust met een snijdend blad en een gekarteld blad dat het materiaal op zijn plek houdt. Dat aambeeldblad snijdt dus zelf niet!  Het aambeeld werkt net zoals de kartels in de bek van een tang, alleen om het materiaal vast te houden.

Een schaar is veel minder scherp dan een mes

Een mes heeft een snijrand, waarvan de zijkanten samen de vouw vormen. Beide zijkanten lopen bijna parallel aan de snijrichting (in de figuur is die naar beneden gericht); oftewel de vouw heeft een kleine hoek. Bij een schaar staat één kant van het snijblad helemaal in de snijrichting, maar de andere kant staat er bijna haaks op. Die kant duwt het materiaal dus enigszins van zich af. Die kant ‘kneust’ samen met het ‘aambeeld’ het materiaal totdat dat breekt, in tegenstelling tot een mes, dat het materiaal splijt. Als de ‘vouwhoek’ van de snijdende rand klein is , is dat ‘kneuzen/breken’ effect minder en het ‘splijten/snijden’ effect groter. Aan de andere kant is een snijrand met een kleinere vouwhoek kwetsbaarder, omdat hij dunner is.

De vouwhoek wordt daarom gemaakt (en geslepen) voor één soort materiaal. Alle scharen hebben een eigen optimale vouwhoek, die zo scherp is, dat die dat specifieke materiaal kan breken, maar ook zo stomp is, dat er voldoende ‘backup’ is voor de snijrand. Als voorbeeld: papier is hard maar breekbaar, de schaar hoeft niet heel scherp te zijn, maar wel bestand tegen de hardheid. Een papierschaar heeft dus een relatief grote vouwhoek. Een textielschaar daarentegen heeft een kleine vouwhoek, omdat textiel soepel is. Het breekt niet snel en de schaar moet dus meer snijden dan breken.
Dit verklaart bijvoorbeeld waarom een coupeuse in een mode-atelier volledig door het lint gaat als iemand haar schaar gebruikt voor het openknippen van een envelop, en waarom je met een huishoudschaar nog wel eens een koperen kabeltje mag doorknippen, maar een kappersschaar daardoor onmiddellijk verdere dienst zal weigeren.

Slijpprincipes

Uit bovenstaande is het gemakkelijk af te leiden dat iedere schaar een eigen optimale slijpwijze heeft. Deze wordt gekarakteriseerd door de vouwhoek en door andere eisen, zoals de gewenste stroefheid van de snijvlakken, eventuele karteling, etc.. Deze optimale slijpwijze wordt gedicteerd door het materiaal dat ermee geknipt moet worden, de wijze van knippen (of ‘slicen‘), de gebruikte staalsoort van de schaar en nog een paar andere factoren.

Voor het slijpen van een schaar gelden daarom maar weinig algemene principes, maar de scharensliep moet heel bewust het doel van de schaar en de te tolereren kwetsbaarheid meenemen bij de bepaling van de beste slijpwijze. Bij het slijpen van een huishoudschaar worden vooral beschadigingen en bramen gladgeslepen, zodat de schaar bij het dichtgaan niet halverwege blijft steken. Een stofschaar moet scherp zijn om soepel textielvezel te kunnen knippen. En een kappersschaar moet nog scherper zijn, maar bovendien veel beter kunnen vastgrijpen, omdat haren veel gladder zijn dan de gemiddelde textielvezel. Een chirurgische schaar moet extreem scherp zijn om het kneuzen van weefsel zoveel mogelijk te beperken. Die schaar is daardoor zo kwetsbaar dat hij na één keer gebruik opnieuw geslepen (of vervangen) wordt, terwijl de huishoudschaar jaren meegaat zonder slijping.

Als gebruiker hoeft u hierin gelukkig geen expert te zijn om uw schaar te laten slijpen, omdat de scharensliep al deze afwegingen voor u zal maken, maar u doet er wel goed aan om duidelijk te maken waarvoor u de schaar gebruikt. Dat is iets wat de slijper helaas niet altijd kan zien aan de meestal versleten randen.
De scharensliep maakt de keuze voor de slijpwijze, maar met de informatie hierboven kunt u wel meedenken om uw schaar als een maatpak bij uw werk te laten passen.

Onderhoud van een schaar: afstelling van het scharnierpunt

Er zijn wel dingen die u zelf kunt doen om de werking van uw schaar te optimaliseren. Zo is het een noodzaak dat de bladen van een schaar op elkaar passen. Ze moeten elkaar over de gehele lengte raken gedurende de knip, zodat het materiaal er niet op het kritieke moment tussen schiet en het alleen maar wordt omgevouwen. Er mag vooral geen ruimte tussen de bladen zitten op het ‘knippunt’, als de schaar knipt. Ze moeten samenwerken en knippen vanaf de basis (bij het scharnier) tot en met de punt.

Eventuele ruimte tussen de bladen is meestal te verkleinen door het aandraaien van de scharnierschroef, waardoor de bladen dichter op elkaar komen te liggen. Als de bladen niet met een stelschroef, maar met een pin, bus of aan één blad vastgeklonken schroef aan elkaar zijn bevestigd, dan kan de schaar niet worden afgesteld.

schaar scharniertestVoor de afstelling van het scharnier bestaat één vuistregel: een 90o geopende schaar, die verticaal wordt vastgehouden, moet vanzelf dichtvallen tot ongeveer tweederde. Als de schaar verder dichtvalt, is het scharnier te los afgesteld. Als de schaar minder ver dichtvalt is het scharnier te strak. Een kappersschaar of andere schaar, waarmee je vaak veel knipbewegingen achter elkaar maakt, mag iets verder dichtvallen, om spierpijn en zelfs RSI te voorkomen. Een snoeischaar klapt niet dicht vanwege de veren tussen de ‘benen’, die de schaar vanzelf openen, maar moet soepel en met een gelijkmatige kracht te sluiten zijn en inderdaad zonder moeite weer vanzelf open gaan. Ook daarvoor kunt u de scharnierschroef afstellen.

Vast scharnierpunt

De bladen van een goed afgestelde schaar mogen ook geen speling ten opzichte van elkaar hebben als als de schaar helemaal open staat. In dat geval zullen ze tijdens de knip iets ten opzichte van elkaar kantelen, waardoor de snedes niet meer perfect aansluiten. Is er speling die niet met het aandraaien van de schroef is op te lossen, dan knipt de schaar minder goed en wordt het tijd om de schaar te vervangen. Dat moment is soms nog iets uit te stellen door de schaar op een aambeeld te leggen en met een hamer zacht op de as van het scharnier te slaan. Die as wordt daarmee iets ingekort. Het is echter zeer moeilijk om dit nauwkeurig te doen. De klap mag niet te hard of te zacht zijn, maar moet precies zoveel kracht hebben dat de inkorting precies het gewenste effect heeft. U kunt dat beter aan de scharensliep overlaten.

Links- of rechtshandig?

De meeste scharen zijn voor rechtshandig gebruik gemaakt. Wanneer met de rechterhand kracht wordt gezet, worden de bladen zijwaarts tegen elkaar aangedrukt. Linkshandigen drukken de bladen uit elkaar waardoor deze minder goed werken. Voor linkshandigen zijn speciale scharen te koop. Houd hiermee rekening bij de aanschaf.

De Klazien uut Zalk slijpwijzen

Ik wil deze blog afsluiten met het meest gehoorde fabeltje over het slijpen van een schaar. Je zou de schaar kunnen slijpen door er aluminiumfolie of schuurpapier mee te knippen. Dit lijkt inderdaad perfect voor de eerstvolgende keer dat je ermee gaat knippen, maar de schaar wordt onherstelbaar beschadigd en na die slijpbeurt nog sneller bot dan dat ‘ie scherp werd. Deze fabel is gebaseerd op het feit dat een erg botte schaar een flinke braam kan hebben. Met het knippen in aluminiumfolie breekt de zijwaarts gerichte braam af, waardoor de snijrand in plaats daarvan een ‘rotte kies’ krijgt. De braam voelde als een hapering, en die is weg. Het ontstane gat voel je niet meer, omdat het snijblad op die plaats voortaan in het luchtledige knipt. De schaar voelt dus beter, maar knipt helaas minder. Doe je dit een paar keer, dan is de snijrand volledig gerafeld en is die niet gemakkelijk te repareren.
Probeer je dat met schuurpapier, dan is de rand nog veel sneller kapot (terwijl je met een schaar, die een niet te kleine vouwhoek heeft, wel degelijk schuurpapier mag knippen).
Hetzelfde geldt voor het verwijderen van een echte slijpbraam, die ontstaat door grof slijpen. Die braam zou je kunnen verwijderen door de schaar een paar keer open en dicht te klappen. Ook nu breekt de braam ongecontroleerd af en ontstaat er een rafelige, kwetsbare snijrand, die met een fijnkorrelige slijpsteen mooi glad geweest zou zijn geworden. ‘t Is maar dat je het weet!

ContactEn dus: als je schaar bot wordt ….. hup, naar de scharensliep!

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.